Nederlands
FettiPop / Spelideeën / een toegankelijke thuisquiz
EEN TOEGANKELIJKE THUISQUIZ

24 quizvragen algemene kennis, met de antwoorden erbij.

Je hoeft geen quizexpert te zijn om een leuke ronde te spelen. Deze 24 vragen beginnen eenvoudig en wisselen feiten af met kleine denkvragen. Laat één persoon voorlezen, of kies samen een antwoord voordat je het antwoordvak opent.

24 vragen in vier rondesAntwoorden apart te openenVoorlezen of samen oplossen
Probeer de korte Quick Wit-demo

Samen in dezelfde kamer · Meedoen mag, passen ook

Quick Wit: samen quizvragen beantwoorden

Zo gebruik je deze vragen

Speel vier rondes van zes vragen of kies één korte ronde. Laat de voorlezer het antwoord pas openen nadat iedereen heeft nagedacht. Geef één punt per goed antwoord en geen minpunten. Bij samenwerking is één gezamenlijk antwoord genoeg. Je hoeft geen tijdslimiet te gebruiken.

De vragen zijn bewust toegankelijk. Wie liever iets moeilijkers speelt, kan eerst zonder overleg antwoorden en daarna uitleggen hoe die het wist. Maak een simpele vraag niet moeilijker door onduidelijke formuleringen of een onverwachte straf.

Ronde 1 · Tijd en vormen

1. Hoeveel minuten zijn anderhalf uur?

Toon antwoord op vraag 1

90 minuten. Een uur is 60 minuten en een halfuur is 30 minuten.

2. Welke maand komt direct na september?

Toon antwoord op vraag 2

Oktober. Daarna volgen november en december.

3. Hoeveel dagen heeft februari in een schrikkeljaar?

Toon antwoord op vraag 3

29 dagen. De extra dag is 29 februari.

4. Welke windrichting ligt tegenover het westen?

Toon antwoord op vraag 4

Het oosten. Noord en zuid liggen ook tegenover elkaar.

5. Welk getal is een dozijn?

Toon antwoord op vraag 5

12. Een half dozijn is dus 6.

6. Hoeveel zijden heeft een zeshoek?

Toon antwoord op vraag 6

6. Het aantal staat hier al in de naam van de vorm.

Ronde 2 · Taal en woorden

7. Welke letter komt in het alfabet direct na de M?

Toon antwoord op vraag 7

De N. De volgorde is L, M, N, O.

8. Wat is het meervoud van “schip”?

Toon antwoord op vraag 8

Schepen. De klinker en de spelling veranderen in het meervoud.

9. Welk woord is een palindroom: lepel, beker of vork?

Toon antwoord op vraag 9

Lepel. Je leest dezelfde letters van links naar rechts en van rechts naar links.

10. Hoe heet het leesteken aan het einde van een directe vraag?

Toon antwoord op vraag 10

Een vraagteken: ?

11. Wat is in standaard Nederlands het verkleinwoord van “huis”?

Toon antwoord op vraag 11

Huisje.

12. Welke twee delen vormen samen een etmaal?

Toon antwoord op vraag 12

Een dag en een nacht. Een etmaal duurt 24 uur.

Ronde 3 · Natuur en onze wereld

13. Hoeveel poten heeft een spin normaal gesproken?

Toon antwoord op vraag 13

8. Een spin is geen insect.

14. Hoeveel poten heeft een volwassen insect normaal gesproken?

Toon antwoord op vraag 14

6. Dat onderscheidt insecten onder meer van spinnen.

15. Waarmee ademen vissen doorgaans onder water?

Toon antwoord op vraag 15

Met kieuwen. De vraag gaat over de gewone manier van ademhalen bij vissen, niet over bijzondere uitzonderingen.

16. Welke ster staat het dichtst bij de aarde?

Toon antwoord op vraag 16

De zon. Het is een ster, ook al ziet zij er aan de hemel anders uit dan de sterren die je ’s nachts ziet.

17. Welke planeet is ons thuis?

Toon antwoord op vraag 17

De aarde.

18. Hoe noemen we water in vaste vorm?

Toon antwoord op vraag 18

IJs. Sneeuw bestaat ook uit ijskristallen.

Ronde 4 · Rekenen zonder rekenmachine

19. Hoeveel centimeter is één meter?

Toon antwoord op vraag 19

100 centimeter.

20. Wat is een kwart van twintig?

Toon antwoord op vraag 20

5. Je deelt twintig in vier gelijke delen.

21. Hoeveel graden is een rechte hoek?

Toon antwoord op vraag 21

90 graden.

22. Wat is het volgende getal in de rij 3, 6, 9, 12 als je steeds drie optelt?

Toon antwoord op vraag 22

15. De expliciete regel voorkomt dat je een andere reeks moet raden.

23. Een trein vertrekt om 14.10 uur en rijdt 35 minuten. Hoe laat komt hij aan?

Toon antwoord op vraag 23

Om 14.45 uur, als er geen vertraging is.

24. Je hebt drie paren handschoenen. Hoeveel losse handschoenen zijn dat?

Toon antwoord op vraag 24

6. Elk paar bestaat uit twee handschoenen.

Bij een twijfelachtig antwoord

Lees eerst de precieze vraag terug. “Een uur en dertig minuten” telt bijvoorbeeld net zo goed als “negentig minuten”. Spreek bij open vragen af dat een inhoudelijk juist antwoord belangrijker is dan exact dezelfde woorden gebruiken.

Heeft een vraag voor jullie meer dan één verdedigbaar antwoord, geef beide antwoorden het punt of laat de vraag vervallen. Verander de score niet alleen omdat de uitslag anders niet spannend genoeg is. Bij gelijke punten is een gedeelde winst prima.

Nog een korte ronde op het scherm?

Quick Wit bevat vijf vaste algemene-kennisvragen met antwoordkeuzes en een gezamenlijke score. Er is geen timer. Open de Nederlandse spellenpagina en kies Quick Wit. Je speelt gratis in de browser, zonder account of download.

Deze 24 vragen staan los van die demo. Ze worden niet automatisch aan Quick Wit toegevoegd; voor deze lijst lezen jullie zelf voor en houden jullie desgewenst zelf de score bij.

Veelgestelde vragen

Zijn de antwoorden meteen zichtbaar?

Nee. Ieder antwoord staat in een apart openklapvak. Een voorlezer kan het openen zodra iedereen een antwoord heeft gekozen.

Kunnen we zonder teams spelen?

Ja. Los de vragen samen op of laat iedereen voor zichzelf antwoorden. De vragen vereisen geen teamindeling.

Is deze quiz hetzelfde als Quick Wit?

Nee. Dit is een leeslijst met 24 vragen. Quick Wit is een aparte gratis demo met vijf vaste vragen en antwoordkeuzes.

Kies samen de volgende ronde.

Vier gratis browserdemo’s, zonder account of download. Open de Nederlandse spellenpagina en kies het spel dat bij jullie past.

Probeer de korte Quick Wit-demo